Buiten zijn

 

Het is fijn om weer even buiten te zijn. En dan niet alleen onderweg naar de supermarkt, de apotheek of het ziekenhuis. Gewoon even buiten op een terrasje zitten met een kop thee in goed gezelschap. De winterse zonnestralen schijnen prettig op mijn bleke huid.

        We zijn niet de enige op het terras. Hier en daar zitten tweetallen achter een warme kop chocolademelk of een eerste borrel. De meesten zijn druk in gesprek, alleen het tweetal schuin voor ons valt af en toe stil. De man kijkt regelmatig langs zijn vriendin heen onze kant op. Hoewel kijken, staren is een betere beschrijving.

       Zou de man zien dat ik nog geen maand geleden in een ziekenhuisbed lag? Dat ik vast lag aan een infuus waardoor een zogeheten paardenmiddel stroomde?

       “Mooi, die lippenstift”, zegt mijn vriend.

       “Dank je”, zeg ik terug. Ik luister naar hoe hij over zijn werk vertelt. Altijd mooi om te horen hoe de wereld buiten gewoon doorgaat, ondanks dat mijn wereld even heeft stilgestaan.

        In mijn ooghoek zie ik dat de man weer zit te kijken. Ik krijg een knipoog. Mogelijk zijn het toch niet de sporen prednison die zijn aandacht trekken. De vrouw voor hem draait zich om en kijkt boos mijn kant op. Alsof ik met de lippenstift ook de verantwoordelijkheid voor het gedrag van haar man draag.

        Ik neem een slok van mijn thee en ga wat verzitten in mijn stoel. Het kan aan de stoel liggen, maar de pijn in mijn lijf neemt toe. Als ik straks uit de stoel zal opstaan, zullen mensen aan de manier waarop ik loop kunnen zien dat er iets in mijn lijf niet klopt.

        “Zullen we nog even wat gaan eten?” zeg ik, terwijl ik de gedachte wat anderen aan mijn manier van lopen kunnen opmaken naast me neerleg. En wie weet hebben ze in de pizzeria betere stoelen.

        Terwijl we van het terras weglopen waait er een stevige, koude wind. Ik kijk niet meer om. Wat een ander ook zal denken of vinden, ik loop buiten. En niets voelt zo bevrijdend als buiten zijn. Al is het maar een korte wandeling naar de volgende stoel, ik ben weer buiten.

 

 

©Emma Radiaan, april 2018.