Weglopen

 

 

Ik ben een wegloper. Geen vechter. Geen bevriezer. Nee, ik loop weg. Altijd al gedaan en zo zal het altijd zijn. Althans, dat dacht ik.

             We zitten intussen al driekwartier te wachten op onze broodjes. De drankjes raken op. Het restaurant heeft zijn charme verloren. Wat er van de buitenkant zo gezellig uit zag, oogt nu kil en koud. Obers lopen met snelle pas en een arrogante blik langs onze tafel, zonder onze broodjes. Ik wil ook zo snel lopen. Weglopen om precies te zijn. Snel en met stevige pas dit restaurant achter me laten. 

            Ik heb al meerdere keren voorgesteld wat geld neer te leggen voor de drankjes en weg te gaan. Maar argumenten als ‘met zo’n houding kunnen ze toch geen geld aan ons verdienen’ of ‘we kunnen ook  naar de supermarkt aan de overkant lopen’ hebben mijn tafelgenoot niet overtuigd. In tegendeel, mijn tafelgenoot verwijt mij de sfeer te verpesten met mijn ongeduld. Alsof mijn ongeduldige blik de obers alleen maar meer zou motiveren ons tafeltje permanent over te slaan. Intussen tril ik van de honger. Hetgeen snel weglopen niet zal bevorderen. 

Na een uur verschijnt het broodje van mijn tafelgenoot. Hij bedankt de ober met een glimlach. Als de ober wegloopt, snijdt hij een stukje van zijn broodje af en geeft het aan mij. 

         Tien minuten later vraagt een ober of we niet toch of we niet twee broodjes hadden besteld. 

‘Inderdaad’, zeg ik. ‘Erg teleurstellende gang van zaken, dus ik ga zo weg’, zeg ik hem zonder mijn tafelgenoot aan te kijken. ‘En wel binnen vijf minuten’, zeg ik net wat te luid. 

Mijn tafelgenoot kijkt me verontwaardigd aan. ‘Had je niet beter kunnen wachten op jouw broodje in plaats van zo ineens weg te lopen?’ zegt hij nadat hij het laatste hapje van zijn broodje heeft doorgeslikt.  

‘Zo ineens weg te lopen? Ik zit hier al een eeuwigheid.’ zeg ik geïrriteerd. 

              Binnen vijf minuten is de ober terug met het bonnetje. Blijkbaar verloopt de samenwerking van de afdeling bonnetjes hier beter. Ik betaal, glimlach naar mijn gezelschap en loop, noodgedwongen rustig, het restaurant uit.

              Ik ben en blijf een wegloper. 

 

© Emma Radiaan,  augustus 2017.